Huisspitsmuis
| Wetenschappelijke naam: | Crocidura russula (Hermann, 1780) |
| Engelse naam: | Greater white-toothed shrew |
LeefwijzeInheems, insecteneter, `s-nachts actief, soms ook overdag, voorkeur voor ruig gedekt terrein. Brengen zacht piepend, fluitend geluid voort. Uitwerpselen vaak in klonten aaneengeklit, kenmerkend is dat de keutels altijd enigzins zitten vastgeplakt en dat deze delen van insecten bevatten.
OverlastVervuiling door uitwerpselen; verspreiding van onaangename geur.
Voorkomen overlastTreffen van bouwkundige weringsmaatregelen, openingen kleiner dan 0,5 cm afdichten, vooral spouwmuur. Huisspitsmuizen zijn zeer vraatzuchtig en zijn erg gesteld op variatie in hun voedselpakket. Eten dagelijks ongeveer de helft van hun gewicht aan voedsel. Krijgen ze niet voortdurend voedsel, zijn ze binnen enkele dagen gedood.
BeschermingsstatusDe huisspitsmuis is een beschermde inheemse diersoort (artikel 4, eerste lid, onder b, FFwet).
De huisspitsmuis is vermeld in bijlage 2 van de Bekendmaking lijsten beschermde inheemse diersoorten (artikel 4, vierde lid, FFwet; deze bekendmaking is gepubliceerd in de Staatscourant 2001, 2200).
Ook het hol of voortplantings- rust- of vaste verblijfplaats van de huisspitsmuis is beschermd (artikel 11 FFwet) (meer info).
Ontheffingen / vrijstellingenHet is zonder ontheffing toegestaan om hinder- of schadetoebrengende spitsmuizen te weren; dit houdt in het treffen van zodanige maatregelen dat een hinder- of schadetoebrengend dier wegblijft.
Op grond van artikel 16e, lid 1, Vrijstellingsbesluit geldt voor de huisspitsmuis een vrijstelling van de verboden van d artikelen 9 t/m 11 FFwet voorzover dit dier zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevindt. Wel geldt de algemene zorgplichtbepaling, neergelegd in artikel 2 FFwet (een ieder neemt voldoende zorg in acht voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving). Deze bepaling die geldt voor alle in het wild levende dieren, houdt in dat een dier niet zinloos gedood, verontrust of gevangen mag worden.
Toegelaten bestrijdingsmiddelen:
Voor het doden, vangen, verjagen e.d. mogen worden gebruikt:
Nadere informatieVoor (vang)technische informatie: Kenniscentrum Dierplagen (KAD) te Wageningen (0317-41 96 60)
Terug naar de vorige pagina..
Vakblad

Nu te lezen in "Dierplagen"
Het papiervisje; klein beestje, grote schade
Verspreiding zwarte rat
De argentijnse mier leeft ook buiten
Nieuwsbrief
Ook op de hoogte blijven van het laatste nieuws op gebied van ongedierte bestrijding? Geef je hieronder dan op voor onze nieuwsbrief.