Roek
| Wetenschappelijke naam: | Corvus frugilegus Linnaeus 1758 |
| Engelse naam: | Rook |
LeefwijzeInheems, grootte: 41-49 cm., geheel zwart verenkleed, losse afhangende dijveren (broek) en een kale grijs-witte snavelbasis; komt in gehele land voor vooral in: agrarisch landschap met hier en daar bomen, parklandschap, parken aan buitenrand van steden; leeft in het broedseizoen in broedkolonie, daarbuiten zwervend in groepen; takkennesten bevinden zich hoog in bomen. In het vroege voorjaar worden 3 tot 6 eieren gelegd, broedduur: ca 18 dagen; uitvliegen na ca. 4 weken; voedsel: alleseter: wormen, slakken, larven van insecten (engerlingen, emelten), muizen, jonge vogels, afval, aas, vruchten en graan etc.
OverlastVernielen gazons, door het zoeken naar insectenlarven (engerlingen, emelten); vraat-, pik- en krabschade aan ingezaaide en gekiemde gewassen in moestuin; geluidoverlast en bevuiling (uitwerpselen, vallende takken) in de broedkolonies en op de gezamenlijke slaapplaatsen.
Voorkomen overlastWeren; schriklinten, ritselfolie, spannen draden, ballonnen, nabootsing roofvogel, fladderprojectiel, zaaizaad dieper zaaien.
BeschermingsstatusDe roek is een beschermde diersoort zoals vermeld in artikel 4 eerste lid, onder b (FFwet).
De roek is vermeld in bijlage 2 van de bekendmaking lijsten beschermde inheemse diersoorten (artikel 4, vierde lid, ffwet; deze bekendmaking is gepubliceerd in de Staatscourant 2001, 2200).
Ook het nest van de roek is beschermd (artikel 11 ffwet).
Ontheffingen / vrijstellingenOntheffingen / vrijstellingen:
Het is zonder ontheffing toegestaan om hinder- of schadetoebrengende roeken te weren; dit houdt in het treffen van zodanige maatregelen dat een hinder- of schadetoebrengend dier wegblijft. In het geval het weren geen afdoende resultaat heeft gehad, kan in bepaalde gevallen voor het doden, verjagen, verontrusten, vangen e.d. van roeken een ontheffing verkregen worden. De ontheffing moet worden aangevraagd bij de Dienst Regelingen. Behalve de algemene voorwaarde dat de gunstige staat van instandhouding (info) niet in gevaar mag komen en de eis dat er geen andere bevredigende oplossing (info) mag bestaan, moet er ook sprake zijn van een van de in artikel 2, derde lid, Vrijstellingsbesluit genoemde belangen. Van de daarin genoemde belangen zijn in dit kader relevant ernstige schade aan eigendommen en belangrijke overlast veroorzaakt door dieren. Het moet hierbij gaan om schade of hinder/overlast van betekenis; dit kan het geval zijn als meerdere mensen veel overlast hebben (b.v. een hele buurt of dorp), of als er schade is aan meerdere eigendommen (dus niet de beschadiging van een enkele auto). Het ligt in deze situatie voor de hand de gemeente actie te laten nemen.
Toegelaten bestrijdingsmiddelen:
Voor het doden, vangen, verjagen e.d. mogen – indien en voorzover dat in de ontheffing wordt toegestaan – worden gebruikt:
- geweer (alleen door houders van jachtakte)
- jachtvogels
- vangkooien in combinatie met lokvogels
- kastvallen in combinatie met lokvogels
Nadere informatieVoor (vang-)technische informatie: Kenniscentrum Dierplagen (KAD) te Wageningen (0317 419660).
Voor ontheffingen; het LNV-loket 0800-2233322 of
LNV-loket.
Voor schade aan gewassen: zie
FaunafondsTerug naar de vorige pagina..
Vakblad

Nu te lezen in "Dierplagen"
Het papiervisje; klein beestje, grote schade
Verspreiding zwarte rat
De argentijnse mier leeft ook buiten
Nieuwsbrief
Ook op de hoogte blijven van het laatste nieuws op gebied van ongedierte bestrijding? Geef je hieronder dan op voor onze nieuwsbrief.