Rat met logo2

World Pest Day 2022 op 1 juni 2022 

Ratten of muizen? Een plaag voorkomen doen we samen

Logo's op alfabetische volgorde

World Pest Day stond dit jaar in het teken van IPM-knaagdierbeheersing en de wijzigingen die per 1 januari 2023 ingaan. De bijeenkomst werd op 1 juni jl. gehouden bij RIVM in Bilthoven, en georganiseerd door het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD), het Kennisnetwerk Biociden (KNB), de Nederlandse Vereniging van Plaagdiermanagement Bedrijven (NVPB), Pest Control News (PCN) en Platform Plaagdierbeheersing Nederland (PLA..N). Aan de bijeenkomst namen professionele plaagdierbeheersers deel en overheidsinstanties zoals ministeries, gemeenten, waterschappen en de GGD. Onder de deelnemers bevonden zich ook vertegenwoordigers van woningbouwverenigingen, bedrijven, het MKB, de agrarische sector en de chemische industrie.

Dagvoorzitter Kees Le Blansch gaf leiding aan de dag met het thema Ratten of Muizen? Een plaag voorkomen doen we samen! Het nieuwe IPM-beleid werd toegelicht door de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Infrastructuur en Waterstaat, Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Vanaf 2023 zijn gemeenten, bedrijven, instellingen, burgers en natuurlijk de plaagdierbeheersers vooral aangewezen op preventieve maatregelen. Chemische bestrijdingen zijn daarbij een laatste stap en bijna altijd vanuit noodsituaties gezien. Bij deze nieuwe aanpak hoort een vijfjarig IPM-traject van de overheid, inclusief opleidingen, communicatietrainingen en voorlichting over preventie.

Volgens de aanwezige brancheorganisaties van plaagdierbestrijders (NVPB en PLA..N.) staat of valt een goede IPM-werkwijze met een gecoördineerde aanpak en maatwerk. De nadruk ligt hierbij op onderlinge samenwerking en goede communicatie, maar ook op de rol van opdrachtgevers. Er is grensoverschrijdende samenwerking nodig tussen plaagdierbestrijders en opdrachtgevers. Daarbij is het belangrijk dat ook opdrachtgevers hun verantwoordelijkheid nemen. Een voorbeeld hiervan dat gepresenteerd werd tijdens de bijeenkomst is Amsterdam-Noord. In dit stadsdeel wordt plaagdierenoverlast onder andere voorkomen met een wijkinitiatief voor broodcontainers om oud brood mee in te zamelen zodat het niet bij de eendenvijver belandt.

Tijdens de bijeenkomst kwamen diverse voorbeelden van samenwerkingsverbanden en ‘best practices’ aan de orde, met als belangrijkste pijler de bewustwording en doelgerichtheid bij alle partijen. Sommige initiatieven hebben hun nut al bewezen, maar in andere gevallen kan de samenwerking tussen de verschillende belanghebbenden en de ondersteuning vanuit de lokale, regionale en nationale overheid nog wel wat beter. IPM-knaagdierbeheersing moet alle betrokkenen handvatten bieden om deze samenwerking en de toekomstige IPM-aanpak in praktijk te brengen. Visie en beleid bij de landelijke overheid, provincies, gemeenten, bedrijven en instellingen is hierbij onontbeerlijk.

Hieronder zijn alle presentaties te bekijken. Tevens zijn de presentaties in PDF-vorm beschikbaar.
Tevens staan onder de presentaties een aantal vragen (Q) die opkwamen tijdens de gehouden presentaties op de bijeenkomst, zowel uit de zaal als online. De antwoorden (A) zijn zo goed mogelijk weergegeven, maar er mogen geen rechten aan ontleend worden. Het kan ook zijn dat de antwoorden op de vragen in de loop van de tijd achterhaald zijn.

Disclaimer

De presentaties op de webpagina van de organisatie van World Pest Day worden aangeboden door de sprekers van 1 juni 2022. De inhoud is niet noodzakelijk het standpunt van het KAD en wordt zonder enige vorm van garantie en/of aanspraak op juistheid geplaatst. Wij behouden ons het recht om de informatie te verwijderen of opnieuw te plaatsen zonder enige voorafgaande mededeling.

Presentaties

  1. Presentatie 1: IPM vraagt visie en beleid
    Joan Schouten, Voorzitter Technische Commissie NVPB

    Klik hier voor Presentatie 1 in PDF-vorm

  2. Presentatie 2: Samen een Plan
    Ron van Dijk, Voorzitter Technische Commissie PLA..N

    Klik hier voor presentatie 2 in PDF-vorm

  3. Presentatie 3: Programma IPM knaagdierbeheersing
    Ingrid van den Broek, Beleidsmedewerker VWS en Jaap Tuinstra, Beleidsmedewerker IenW

    Klik hier voor presentatie 3 in PDF-vorm

  4. Presentatie 4: Communiceren moeten we samen leren
    José Middelkoop, Beleidsadviseur gemeente Capelle aan den IJssel
    en Yvette Kruse, Adviseur Beheer, Antea Group

    Klik hier voor presentatie 4 in PDF-vorm

  5. Presentatie 5: Preventie van knaagdieren bij woningbouwcorporatie Ymere
    Eva van Groenigen, Projectleider Leefbaarheid, Ymere

    Klik hier voor presentatie 5 in PDF-vorm

  6. Presentatie 6: Samen uitdagingen aangaan en oplossingen realiseren
    Marco Merodio, Winkelcentrummanager, Overvecht

    Klik hier voor presentatie 6 in PDF-vorm

  7. Presentatie 7: Samen bouwen we een kasteel
    Henk Hortensius, Integraal Woninginspecteur, Stichting Meewerkend Landschap

    Klik hier voor presentatie 7 in PDF-vorm

Q & A

  1. Q: Kan IPM Knaagdierbeheersing ook toegepast worden op agrarische bedrijven, bijvoorbeeld bij bedrijven waar voerkuilen op het erf liggen?

    A: Het toepassen van IPM Knaagdierbeheersing is zeker niet gemakkelijk maar is wel toepasbaar ondanks de aanwezigheid van veel voer op het bedrijf. Verbetering van hygiëne en het nemen van preventieve maatregelen zijn mogelijk. Vaak moeten de beheerstechnieken aangepast worden. Er zijn plaagdierbeheersbedrijven die specifiek gericht zijn om de problemen op agrarische bedrijven te voorkomen en daar goede oplossingen voor hebben gevonden.

  2. Q: Zit er verschil in het stappenplan bij het toepassen van IPM Knaagdierbeheersing bij bedrijven en particulieren?

    A: Nee, ook bij een beheersingsactie bij particulieren moeten dezelfde stappen worden doorlopen als bij een bedrijf. Juist bij particulieren is veel te doen aan preventie en hygiëne wanneer er sprake is van overlast.

  3. Q: Is er geld beschikbaar voor het toepassen van IPM voor particulieren met ernstige knaagdierproblemen?

    A: Niet via de Rijksoverheid. Financiële middelen zouden eventueel door de gemeentes beschikbaar moeten worden gesteld.

  4. Q: Wie gaat de particuliere sector informeren over IPM Knaagdierbeheersing?

    A: De werkgroep communicatie van de IPM werkgroep is daarmee bezig en werkt samen met veel verschillende partijen.

  5. Q: Mogen lijmplanken worden gebruikt?

    A: Nee, tenzij er ontheffing is aangevraagd. De NVWA en de inspectie van IL&T kunnen daarop controleren en handhaven.

  6. Q: Volgens de directeur van Stichting Bureau Erkenningen staat er niets over IPM Knaagdierbeheersing in het keurmerk en handboek voor groene daken en gevels. Kan de informatie daarover worden opgenomen?

    A: Het zal verder worden uitgezocht en indien nodig zal daar actie op worden ondernomen door degenen die daar voor verantwoordelijk zijn.

  7. Q: Wordt de horeca ook bij de informatie over IPM Knaagdierbeheersing betrokken?

    A: Deze doelgroep zal zeker aandacht krijgen.

  8. Q: Wordt er ook gedacht aan afschot met luchtdrukwapens en nachtzichtapparatuur als alternatief bij de bestrijding van knaagdieren? Het toelaten van een vergunning verschilt van provincie tot provincie: Komt daar een landelijk beleid voor?

    A: Ja, de voor- en nadelen hiervan worden bekeken in één van de werkgroepen. En er zal worden bekeken of en hoe dat het beste kan worden ingepast in de bestrijdingsmethoden. Er wordt gehoopt dat hier spoedig uitsluitsel over kan worden gegeven.

  9. Q: Kun je je als particulier of hobbyboer ook laten certificeren?

    A: Ja, dat kan. De persoon in kwestie moet dan wel een nascholing hebben gevolgd en gecertificeerd zijn. De persoon moet dan ook ingeschreven zijn als bedrijfsmatig plaagdierbeheerser bij de Kamer van Koophandel.

  10. Q: De Noord- en Midden Limburgse gemeentes zijn zeer actief in het aanleveren van gegevens voor de rattenmonitor. Lijkt het daarom dat er veel ratten op die locaties zijn?

    A: De rattenmonitor is door het RIVM ontwikkeld; het laat vooral zien waar plaagdierbeheersers actief zijn en melden. Er was daarvoor al een monitorings-initiatief zwarte ratten van een aantal gemeenten in Noord- en Midden Limburg. De plaagdierbeheersers in deze regio rapporteren nu nog steeds goed in de Rattenmonitor.

  11. Q: Kunnen particulieren ook gebruik maken van de rattenmonitoringsapp?

    A: Nee, de Rattenmonitor is alleen voor professionals; particulieren kunnen niet melden, dat zou een vertekend beeld geven, sterk afhankelijk van wie er let op aanwezigheid van ratten en de moeite neemt dit te melden (bv sterke toename door thuiswerken).

  12. Q: Wie moet waar de knaagdieroverlast problemen oplossen?

    A: Als het op het terrein van de gemeente is; de gemeente. Wanneer het probleem speelt op het terrein van een particulier is hij verantwoordelijk voor het oplossen van de problemen. In geval van huur is de verhuurder verantwoordelijk voor de status van het pand maar ook de huurder heeft zijn verantwoordelijkheden.

  13. Q: Hebben eventuele bezuinigingsrondes effect op het toepassen van IPM in gemeentes?

    A: Dat zijn vaak wel de eerste bezuinigingsmaatregelen, (zoals afvalverwerking/zwerfvuil en maaibeleid) die worden toegepast. Gemeentes moeten goed geïnformeerd worden dat een integrale aanpak van knaagdieroverlast kostenbesparend kan werken. Als voorbeeld werd genoemd het bewerkstelligen van een betere communicatie met de inwoners om zwerfafval of het dumpen van voedingsmiddelen en afval te voorkomen. Deze maatregelen kunnen besparend werken. Alles valt en staat met het beleid van een gemeente omtrent plaagdierbeheersing. Hiervoor is budget nodig om te voorkomen dat plaagdieren zoals ratten een terugkerende plaagdruk veroorzaken.

  14. Q: Worden de opties over het toepassen van IPM Knaagdierbeheersing doorgegeven aan de Vereniging van Nederlandse Gemeentes (VNG)?

    A: De opties worden doorgegeven aan de VNG. Ook de overheid zou een rol kunnen spelen bij het communiceren. Opmerking van één van de aanwezigen: De GGD verwijst bij meldingen over overlast veroorzaakt door dieren door naar:
    https://ggdleefomgeving.nl/vervelende-beestjes/ratten/ratten-bestrijden/

  15. Q: Kunnen gemeentes ook een rol spelen als er onvoldoende samenwerking is tussen eigenaren van verschillende percelen wanneer er sprake is van rattenoverlast?

    A: Gemeenten moeten zelfs een coördinerende rol spelen. Het ontbreken van goed beleid en de daaraan gekoppelde uitvoeragenda’s missen de juiste schakels.

  16. Q: Gemeentes hebben een zorgplicht ten aanzien van de knaagdierbestrijding. Wordt een burger met een klacht doorverwezen door de gemeente naar een professioneel plaagdierbestrijdingsbedrijf? Zou de doorverwijzing ook invloed hebben op het aantal klachten die gemeld worden? Zou de gemeente niet meer zelf moeten zorgdragen voor de uitvoering van de knaagdierbestrijding?

    A: Gemeenten (B&W) dienen volgens de Wet Publieke Gezondheid “preventief te handelen om verspreiding van infectieziekten te voorkomen”! Zonder monitoring is geen sprake van preventief handelen maar van ‘brandje blussen’ en loop je achter de feiten aan. In dit kader is het voor gemeenten ook van belang dat ze op de hoogte zijn wanneer er ergens op particulier terrein sprake is van overlast. Gemeenten hebben er dus belang bij dat overlast en beheersactiviteiten worden gemeld bij de gemeente, of -bij voorkeur- landelijk via de Rattenmonitor.

  17. Q: Wat kan een woningbouwvereniging doen aan wering?

    A: Er kunnen verschillende zaken worden gedaan. Het belangrijkste is het geven van voorlichting en het laten zien wat de problemen zijn aan de bewoners. Daarnaast kunnen huisbezoeken worden gebracht voor het geven van meer voorlichting en het zoeken naar en het oplossen van de gerezen problemen met knaagdieren. Voor de wijkbeheerders is een trainingsprogramma opgezet op het gebied van plaagdierbeheersing door sommige woningbouwverenigingen. Na een op de bewoners afgestemde voorlichting, kunnen er bijvoorbeeld broodbakken worden geplaatst. Er zijn ook veel bouwkundige zaken die plaagdruk in de hand werken. Hier liggen voor zowel de huurder als verhuurder verantwoordingen. In de wetgeving Besluit kleine herstellingen staat hier e.e.a. in omschreven.

  18. Q: Wat kan zoal aan de wering worden gedaan?

    A: Als er sprake is van rattenoverlast komt dat vaak door kapotte riolen. De woningbouwvereniging moet dan, als het op haar eigen terrein is, de riolering laten maken.

  19. Q: Wordt de informatie over het toepassen van knaagdierbeheersing door woningbouwverenigingen gedeeld? Vraag via de chat: Kan de informatie ook gedeeld worden met de plaagdierbestrijdingsbedrijven? Is het een optie om het aantal dieren en diersoorten (konijnen, kippen, duiven en volièrevogels) die indirect voor overlast zorgen te beperken?

    A: De verantwoordelijken voor dit punt zullen nagaan hoe de informatie het beste kan worden gedeeld via Aedes, vereniging van woningcorporaties en eventueel via BZK.

  20. Q: Is de motivatie, gedrevenheid van plaagdierbeheersers een belangrijk aspect bij het toepassen van IPM Knaagdierbeheersing in een winkelcentrum?

    A: Ja, dat is heel belangrijk. Samenwerking tussen de plaagdierbestrijders en verschillende bedrijven is ook heel erg belangrijk. Algemene informatie en verkregen informatie tijdens de inspectie en werkzaamheden op het gebied van wering en bestrijding, kunnen bijvoorbeeld gedeeld worden via een online platform waar alle winkeliers en andere betrokken personen zijn aangesloten. De manager van het winkelcentrum kan dan de deelnemers aan het platform ook verzoeken om dingen op te pakken voor hun gemeenschappelijk belang. Samen moet de verantwoording genomen worden op het gebied van bouwkundige- en bedrijfsmatige zaken en het vrijmaken van budget voor het uitvoeren van preventieve maatregelen.

  21. Q: Vraag via de chat: Kan de opzet van de informatie over het inrichten van een platform gericht op knaagdierbeheersing worden gedeeld?

    A: Iedere winkel kan kijken op het platform welke adviezen en/of opmerkingen er voor hun eigen winkel gelden.

  22. Q: Kan een bouw-patholoog nagaan wat de gebreken zijn wanneer er sprake is van knaagdieroverlast bij woningen?

    A: Dat kan hij. Samenwerking met een plaagdierbeheerser, kan daarbij nodig zijn om het probleem beter in kaart te brengen.

  23. Q: Moet ik aan alle regels voldoen als ik wel een nascholing IPM Knaagdieren heb gevolgd maar me niet wil certificeren en ook geen rodenticiden wil toepassen?

    A: Een eenduidige aanpak is wel wenselijk en voor ieders belang. Mocht het probleem met habitatmanagement en het inzetten van niet-chemische middelen desondanks niet lukken dan kan een bevriend plaagdierbestrijdingsbedrijf wel rodenticiden inzetten mits die wel gecertificeerd is en de documentatie voldoet die gesteld zijn aan IPM Knaagdierbeheersing.

  24. Q: Preventie op agrarische bedrijven is belangrijk gezien de problematiek rondom open stallen, knagen aan kabels, stalbranden gevaar, dierziektes, zoönosen en welzijnsfactoren. Mogen daar direct rodenticiden worden ingezet?

    A: Ja, als de situatie dat vereist moet dat mogelijk zijn omdat er dan sprake is van een noodgeval. Plaagdieren moet je bestrijden en het probleem moet beheersbaar worden gemaakt. Maar er moeten dan zeker ook preventieve stappen worden gemaakt. Alle stappen moeten wel goed worden gedocumenteerd.

    Wanneer er altijd een goed plaagdierbeheersplan aanwezig is geweest, zou het echter niet moeten kunnen dat het uit de hand is gelopen.

  25. Q: Hoe kun je je laten certificeren en hoe kun je zien dat bedrijven zich gecertificeerd hebben en wie controleert dat?

    A: In het Certificatieschema IPM Knaagdierbeheersing (CIK) staat hoe en waar je aan moet voldoen om gecertificeerd te worden. Op de digitale pas van het vakbekwaamheidsdiploma van het CPMV staat vermeld of je een nascholing hebt gevolgd. Bij de pas van het EVM is dat ook het geval. Op de site van het KPMB staat of het bedrijf gecertificeerd is voor IPM Knaagdierbeheersing. Ook kan passende informatie verkregen worden op de site www.ipm2023.nl. Inspectie IL&T kan een inspectie uitvoeren bij plaagdierbestrijdingsbedrijven, de NVWA bij agrarische bedrijven.

  26. Q: Hebben de landschapsbeheerders ook een rol wanneer er sprake is van overlast door knaagdieren op een locatie, bijvoorbeeld een boerderij?

    A: Het kan gebeuren dat de overlast door knaagdieren afkomstig is van aangrenzende omgevingen waarbij onder andere landschapsbeheer een rol speelt. Er zal dan overlegd moeten worden met landschapsbeheer over bijvoorbeeld een natuurgebied zodat passende maatregelen kunnen worden genomen. Vaak zijn dat tegenstrijdige belangen met de locatie met knaagdieroverlast, hoewel ratten ook normalerwijs in de natuur voorkomen, en is de oplossing niet simpel. Het agrarisch bedrijf kan zelf natuurlijk ook een beheersplan/preventieplan opstellen en maatregelen nemen om de overlast te beperken. Samenwerking is daarbij nodig en moet oplossingsgericht zijn. Plaagdierbestrijders kunnen daarbij een belangrijke rol hebben als deskundige op het gebied van het nemen van preventieve maatregelen.

  27. Q: Het is een goede zaak dat plaagdieren binnen een object beheerst worden. Het publiek is hier over het algemeen huiverig voor als men dat ziet. Hoe kan het duidelijk gemaakt worden aan het publiek dat plaagdierbeheersing juist een goede zaak is?

    A: Plaagdieren zijn vaak cultuurvolgers en zijn, wanneer er geen passende maatregelen worden genomen, een onderdeel van het menselijk leven. De passende maatregelen moeten in openheid en transparant worden weergegeven. Dat zou kunnen door bordjes op de deur te plaatsen dat het bedrijf wordt gecontroleerd door een erkend plaagdierbeheersingsbedrijf of door het plaatsen van reclame op voertuigen. Een ander manier is de kernboodschap duidelijk te verkondigen binnen bedrijven, branches en gemeenschappen.

Voor meer informatie:

KAD (Stichting Kennis- en Adviescentrum Dierplagen): www.kad.nl

KNB (KennisNetwerk Biociden): https://kennisnetwerkbiociden.nl/

NVPB (Nederlandse Vereniging Plaagdiermanagement Bedrijven):  www.nvpb.org

PCN (Pest Control News): www.pestcontrolnews.com/dutch/

PLA..N (Platform Plaagdierbeheersing Nederland): www.platformplaagdierbeheersing.nl

Logo's op alfabetische volgorde