ptinus fur

Gewone diefkever

Gewone diefkever (Ptinus fur L.)
Orde: Coleoptera (kevers)
Familie: Ptinidae (diefkevers)

Diefkevers lijken bij een snelle blik op spinnen en worden daarom in het Engels ook wel ‘spiderbeetles’ genoemd. Zij zijn lichtschuw en zullen wanneer men deze met licht beschijnt als een op heterdaad betrapte dief hun kopje intrekken (vandaar de Nederlandse naam). De gewone diefkever is 3 tot 4,4 mm lang en bruin van kleur. Het mannetje is smal en langwerpig, het vrouwtje is meer ovaal van vorm. Diefkevers eten eigenlijk alles, zowel dierlijk als plantaardig materiaal. De australische diefkever (P. tectus Boieldieu) is een diefkever afkomstig uit australie, maar komt nu al wijdverspreid voor, en is een bekend plaagdier voor musea.

Ontwikkeling

Diefkevers ondergaan een volledige gedaanteverwisseling. De totale ontwikkeing van een ei tot imago duurt (bij 20-25°C en 70% relatieve vochtigheid) 3,5 tot 4,5 maand. De vrouwtjes kunnen meer dan 100 eitjes leggen. De australische diefkever ontwikkelt langzamer dan de gewone diefkever. Bij een temperatuur beneden de 10°C komt de ontwikkeling van P. tectus zelfs volledig stil te staan.

Ptinus_Tectus De australische diefkever (Ptinus tectus Bioeldieu).

Leefwijze

De eitjes van de diefkever zijn kleverig en hechten aan allerlei materialen. De larven van van de diefkevers voeden zich met allerlei droog plantaardig en dierlijk materiaal. Na een aantal vervellingen (4-5) spinnen de larven een cocon waarin ze verpoppen. Als de larven in bepaalde verpakkingsmaterialen zijn opgesloten, boren ze zich vaak naar buiten alvorens te verpoppen. De kevers zijn erg lichtschuw.

Schade en wering

Diefkevers zijn nuttige dieren. Zij ruimen oude voorraadjes plantaardige en dierlijk materiaal toe. Zij kunnen echter schade leveren bij het boren van gaten in materialen waarbij de waarde (in gewicht) van bepaalde producten kan verminderen. Door de verspreiding van producten waarin de diefkever zich bevindt wordt ook deze indirect verspreid.

Om de diefkever te weren moet met geen voorraden aanleggen die (te) lang worden bewaard: de oudste voorraden dienen het eerst gebruikt te worden (first in, first out). Regelmatig moeten de voorraden gecontroleerd worden op de aanwezigheid van plaagdieren. Een algemene goede hygiëne zal de wering ook ten goede komen. Ter bestrijding kunnen aangetaste voorraden (van niet al te grote omvang) worden vernietigd.

Advies

Mochten de bestrijdingsmaatregelen, uitgevoerd aan de hand van dit advies, onvoldoende resultaat opleveren, neem dan contact op met het KAD.

Disclaimer

Deze informatie wordt u verstrekt zonder dat er een expert van ons ter plaatse geweest is. Dit betekent dat u deze informatie op eigen risico gebruikt. Het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor enige (vervolg-)schade die hieruit voortvloeit. Om zeker te weten om welk dier het gaat en de overlast zoveel mogelijk te beperken, raden we u altijd aan om een determinatie bij ons te laten doen of een onderzoek ter plaatse te laten verrichten door een KAD-adviseur.