Golden Acre Park | Leeds

Roek

Roek (Corvus frugilegus L.)
Orde: Passeriformes (zangvogels)
Familie: Corvidae (kraaien)

Het is geen verassing dat de roek bij de familie kraaien hoort. Hij is soms lastig te onderscheiden van kraaien en kauwen. De basis van zijn snavel is vrij van veren. Ook heeft hij een opvallende gevormde kop dat afwijkt van die van een kraai.

Uiterlijk

De roek heeft een glanzend, zwart verenkleed met soms een blauwe glans. De snavel is vrij lang en recht, aan de snavel basis zit een bleek-witte vlek. Aan zijn dijen heeft de roek losse, afhangende veren. De roek loopt waggelend en hippend.

Leefwijze

Roeken leven gewoonlijk in zwermen, die zeer luidruchtig kunnen zijn. Ze nestelen in kolonies in bosjes of langs bosranden. ’s Winters zoeken ze gezamenlijk naar voedsel. Na de broedtijd worden slaapplaatsen in gebruik genomen.

Schade

De roeken kunnen schade toebrengen aan grasvelden en gazons doordat ze hier in pikken opzoek naar insectenlarven (engerlingen en emelten). Verder kunnen ze schade toebrengen aan kuilhopen en pas gezaaide gewassen.

Wering en preventie

Het is belangrijk om roestplaatsen (zo worden slaapplaatsen genoemd) zoveel mogelijk tegen te gaan. Door middel van geluid (angstkreten van dezelfde vogel) gedurende een aantal dagen vol te houden zullen de roeken uiteindelijk worden verjaagd. Het verjagen moet echter beginnen als het nog licht is en zodra de eerste roeken verschijnen. Verder kunnen kunststof roeken worden opgehangen als afschrik methode. Agrariërs dienen eventueel de zaai methode aan te passen.

Advies

Mochten de maatregelen, uitgevoerd aan de hand van dit advies, onvoldoende resultaat opleveren, neem dan contact op met het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD).

Disclaimer

Deze informatie wordt u verstrekt zonder dat er een expert van ons ter plaatse geweest is. Dit betekent dat u deze informatie op eigen risico gebruikt. Het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor enige (vervolg-)schade die hieruit voortvloeit. Om zeker te weten om welk dier het gaat en de overlast zoveel mogelijk te beperken, raden we u altijd aan om een determinatie bij ons te laten doen of een onderzoek ter plaatse te laten verrichten door een KAD-adviseur.