Stambonenkever

Stambonenkever

Stambonenkever (Acanthoscelides obtectus Say)
Orde: Coleoptera (kevers)
Familie:
Chrysomelidae (bladkevers)

De stambonenkever is van Amerikaanse herkomst en wordt daar de “bean weevil” genoemd. Geregeld worden stambonenkevers in ons land aangetroffen in voorraden gedroogde witte, bruine, kievits- en tuinbonen. Ze treden in onze streken voornamelijk op tijdens of na warme zomers. In warmere streken zijn ze een grote bedreiging voor de bonenteelt.

Uiterlijk

De stambonenkever is 3-5 mm lang, olijfbruin van kleur, met donkerbruine vlekken op de dekschilden. De dekschilden bedekken het achterlichaam niet geheel. Het onbedekte deel van het achterlijf is geelrood van kleur, het lichaam is bedekt met fijne, dichte goudkleurige haren. De achterkant van het halsschild is in het midden gebogen.

De larven hebben bij geboorte 3 paar poten en zijn wit van kleur. Nadat ze zich in een boon hebben geboord en enkele vervellingen hebben doorgemaakt, zijn ze pootloos en kunnen ze een lengte bereiken van 4 mm.

Ontwikkeling en leefwijze

Kevers ondergaan een volledige gedaanteverwisseling. Dit wil zeggen dat de ontwikkeling 4 stadia kent: ei–larve–pop–adult. Bij een temperatuur van 13℃ duurt de totale ontwikkeling van ei tot volwassen stambonenkever 70 à 80 dagen. Met gunstigere temperaturen ontwikkelen de larven zich vrij snel; lage temperaturen daarentegen hebben een remmend effect.

Het wijfje legt ongeveer 50 eitjes tussen of op de bonen. Dit kan zijn in de bonengewassen op het veld, maar ook in voorraden opgeslagen bonen.
Al spoedig verlaten de jongen larven de eitjes. Tijdens dit eerste stadium kunnen ze zich goed voortbewegen. Ze dringen via een nauwelijks zichtbaar gaatje de bonen binnen. Per boon kan het aantal larven oplopen van 2 tot 7. De larven ontwikkelen zich zowel in rijpende als in droge bonen.

De verpopping vindt plaats net onder de zaadhuid, in een door de larve uitgeknaagde popholte. Ze zijn aan de buitenzijde van de boon te herkennen door de ronde, donkere “venstertjes”. De stambonenkever verlaat de boon door het venstertje uit de zaadhuid los te knagen. Ze kunnen goed vliegen.

In verwarmde opslagruimten kunnen ze zich het hele jaar door ontwikkelen. Buiten op het veld lukt dit enkel tijdens een lange warme zomer.

Deze kever is een typisch voorbeeld van een combinatie van een voorraadinsect en een insect dat op het veld het gewas kan aantasten.

Schade

Stambonenkevers tasten in ons klimaat voornamelijk gedroogde en (langdurig) opgeslagen bonen aan. Ze doorboren de huidjes van de bonen, waardoor ronde gaatjes ontstaan. De bonen worden uitgehold en raken verontreinigd. Eenmaal aangetaste bonen zijn niet langer geschikt voor consumptie.

Wering en preventie

Voorraden bonen moeten opgeslagen worden in koele ruimten en periodiek geïnspecteerd worden. Sla ze daarnaast niet te lang op (het liefst niet langer dan één jaar).
Vermeng vooral geen ‘oude oogst’ met ‘nieuwe oogst’. Zorg er tenslotte voor dat de opslagruimte leeg en grondig schoongemaakt is voordat de bonen van de nieuwe oogst erin worden opgeslagen.

Voor particulieren geldt dat niet-aangetaste bonen koel opgeslagen moeten worden in goed afsluitbare voedselopbergers, zoals kunststof bakken of glazen potten. Controleer ze regelmatig en bewaar ze niet te lang.

Bestrijding

Voorraden die in ernstige mate zijn aangetast, kan men het beste direct verwijderen en vernietigen.
Daarnaast kunnen stambonenkevers bestreden worden door voorraden bonen in te vriezen.
Een temperatuur van -12℃ gedurende 5 dagen doodt alle stadia van de kever; bij -20℃ duurt dit 3 dagen. Hierbij moet de gehele partij afgekoeld zijn tot deze temperaturen. Het kan dus voorkomen dat het product langer gekoeld moet worden.
Goede raad: let erop dat de bonen, direct na het koelen, niet vochtig worden door de vorming van condenswater.

Alternatief voor koeling is verhitting; geen enkel stadium van de stambonenkever overleeft dit.
Richtlijn bij 55℃: eitjes 10 minuten, larven 7 minuten, poppen 25 minuten en volwassen kevers 4 minuten.

Mocht er sprake zijn van aantasting van grote(re) voorraden door (de larven van) stambonenkevers, dan kunnen dergelijke partijen eventueel gegast worden.
Een begassing mag alleen uitgevoerd worden door gespecialiseerde gassingsleiders. Namen en contactgegevens van gassingsbedrijven kunt u online vinden.

Advies

Mochten de wering- en bestrijdingsmaatregelen, uitgevoerd aan de hand van deze informatie, onvoldoende resultaat opleveren, neem dan contact op met het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD).

Disclaimer

Deze informatie wordt u verstrekt zonder dat er een expert van ons ter plaatse geweest is. Dit betekent dat u deze informatie op eigen risico gebruikt. Het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor enige (vervolg-)schade die hieruit voortvloeit. Om zeker te weten om welk dier het gaat en de overlast zoveel mogelijk te beperken, raden we u altijd aan om een determinatie bij ons te laten doen of een onderzoek ter plaatse te laten verrichten door een KAD-adviseur.